Archief voor categorie “Olympisch Nieuws”
Laatste Olympische Nieuws…
Toen in 1961 Anton Geesink als eerste niet-Japanner wereldkampioen Judo in de open klasse werd. Vele japanners zagen tot hun ontzetting hoe hun favoriet Akio Kaminaga verslagen werd.
Een sportleven met twee gezichten
De op 6 april 1934 in Utrecht geboren Anthonius Johannes Geesink was een man met twee gezichten binnen de sportwereld. Als IOC-lid en bestuurder lag vaak in conflict met de andere bestuurders uit eigen land. Waarschijnlijk gaat Anton Geesink nog meer de geschiedenis in als man van de regels, de man van het protocol. Geesink nam het NOCNSF mee in een slepende affaire door te wijzen op de regels en statuten en had dan ook vaak ruzie op Papendal.
De Sportieve Geesink
Als eerste niet-Japanner veroverde Geesink in 1961 de wereldtitel zwaargewicht. Een prestatie die hij in 1965 nogmaals zou herhalen. Het gastland werd in Tokio geschokt toen Geesink ten koste van Akio Kamimaga goud behaalde.
In totaliteit werd Geesink 21 keer Europees en behaalde 16 Nederlandse titels. Met het Grieks/Romeins worstelen won Geesink ook nog 6 titels. 4 keer was hij Nederlands sportman van het jaar. In 1986 behaalde hij als eerste Europeaan de 18deDan. Toen hij in 1997 de tiende Dan behaalde was hij was van de 18 mensen met een tiende dan. Slechts drie judokas buiten Japan hadden toen deze tiende Dan. Door zijn verdienste in de
Geesink als bestuurder
In 1986 werd Anton Geesink op eigen titel lid van het Internationaal Olympisch Comite, het IOC. Een van zijn verdiensten voor de judosport waren de invoering van de blauwe en witte pakken tijdens de wedstrijden. Zo werd de wedstrijd voor de scheidsrechter duidelijker. Toch bleven de conflicten met de andere bestuurders. In 1999 kreeg Anton Geesink een berisping van het IOC. Samen met zijn stichting Vrienden van Anton Geesink had hij 5000 dollar aangenomen van het Comite dat de Olympische Spelen in Salt Lake City wilde organiseren. Geesink kreeg alleen een berisping omdat hij technisch geen regels had overtreden.
Ondanks het tumult omtrent zijn bestuurlijke activiteiten is Anton Geesink een van de grootste sporters van de vorige eeuw. Onmiskenbaar behoort Anton Geesink thuis in het rijtje van, Johan Cruijff, Sjoukje Dijkstra, Ard Schenk en Nico Rienks.
Geesink ontving op 9 december 2005 van de voorzitter van het NOC*NSF Erica Terpstra te samen met Nico Rienks, Ard Schenk en Sjoukje Dijkstra de eerste Fanny Blankers-Koen Trofee uitgereikt.
Wat bijna niet bekend is dat Anton Geesink ook in films heeft gespeeld zoals Riffi in Amsterdam en Grandi Condottieri.
Anton Geesink prive
Anthonius Johannes Geesink werd op 6 april 1934 in Utrecht geboren. Op 2 december 1953 trouwde hij met Johanna (Jans) van Hussen. Uit dit huwelijk zijn twee dochters en een zoon geboren. Anton Geesink woonde boven zijn eigen sportschool in een straat die naar hem genoemd is, de Anton Geesinkstraat. Op 27 augustus 2010 is Anton J. Geesink na een kort ziekbed op 76 jarige leeftijd in zijn woonplaats Utrecht overleden. Hij lag al enkele weken in het ziekenhuis.
Geen reacties »
Marijke Zeekant heeft iets met triatlon. Geen wonder ze is in haar leeftijdscategorie wereldkampioen op de Olympische afstand. Petje af voor Marijke. Maar wat houdt zon triatlon nu eigenlijk in en hoe is deze tak van sport ontstaan. Laten we dat en de prestaties van Marijke in onderstaand artikeltje eens bekijken.
De geschiedenis van de triatlon
Je zou triatlon kunnen typeren als een multisport. In de jaren 20 van de 20ste eeuw is de triatlon ontstaan in Frankrijk. De eerste moderne lange afstand triatlon werd de Ironman genoemd en werd gehouden op Hawai in 1978. Deze Ironman bestond uit 3,8 km zwemmen, 180 km fietsen en het hardlopen van een marathon over 42,2 km.
Vanuit de Ironman zijn diverse afgeleiden ontstaan. In 2000 werd de triatlon een olympische sport. Voor die olympische variant op de triatlon moest 1,5 km worden gezwommen, 40 km gefietst en 10 km hardgelopen.
Het ijzeren gestel van Marijke Zeekant
Marijke Zeekant, die lerares lichamelijke opvoeding is, is nog altijd druk aan het trainen voor weer een volgende wedstrijd, want al is ze nu 53 jaar oud, ze is geen type om achter de geraniums haar tijd uit te zitten. Voordat Marijke in 1992 met de triatlon begon beleefde ze een roemrijke roeicarriere. Daar zaten hoogtepunten bij, zoals haar deelname aan de Olympische Spelen en de Wereldkampioenschappen.
Marijke is een typische laatbloeier, iets dat bij een sport als triatlon niet zo vreemd is. Dit komt omdat jongeren duursporten over het algemeen minder aantrekkelijk vinden. Hierdoor komen sporters dan ook vaak vanuit een andere sport, zoals zwemmen, voetbal of atletiek in het triatlon terecht.
Marijke vindt de triatlon een prachtige methoder om op een zinvolle manier met haar lichaam bezig te zijn en te zien wat ze eruit kan halen. Bovendien is het erg gezond. Het zwemmen doet Marijke in de winter in het zwembad, maar in de zomer ook vaak in het buitenwater. Daarnaast vindt ze het heerlijk om in de buitenlucht hard te lopen of te fietsen. Marijke vindt dat het voordeel van een triatlon is dat ze haar aandacht over drie sporten moet verdelen. Dat is goed voor haar lichaam, want daarmee wisselt ze de schokbelasting van het hardlopen af met de cyclische beweging van zwemmen en fietsen. Een ander voordeel is dat wanneer je geblesseerd raakt de andere twee sporten gewoon kunt blijven doen.
De uitdaging
Marijke nam zowel deel aan Nederlandse, Europese als Wereldkampioenschappen triatlon. Ook ging ze naar diverse Ironman
triatlons, onder andere in Hawai. Maar ook aan de Ironman triatlons in Lanzarote en Zwitserland heeft Marijke deelgenomen.
Tijdens schoolvakanties bereidt ze zich voor op wedstrijden en daarnaast traint ze ongeveer 10 tot 15 uur per week.
Marijke wil graag nog een keer naar Hawai om uit te komen in de categorie voor 55 tot 59 jarigen. In Hawai heeft ze tenminste nog wat competitie van andere deelnemers, want in Nederland is er helaas weinig tegenstand in haar leeftijdscategorie.
Geen reacties »
De allereerste Lotus ooit werd gebouwd in een klein schuurtje door een briljant ingenieur, Colin Chapman. De interesse in zijn lichte, puristische sportautos nam al snel grote vormen aan. Lotus groeide uit van een uit de hand gelopen hobby tot een merk met wereldfaam dat anno 2010 nog meer doet dan alleen sportwagens bouwen.
Eerste Lotus komt tot stand
In 1948 bouwde de Engelsman Anthony Colin Bruce Chapman een auto gebaseerd op de Austin Seven uit 1930. Chapman, engineer en coureur van beroep, noemde hem de Mark I. Dat zelfde jaar studeert Colin Chapman af als engineer en gaat hij aan het werk bij de Engelse Royal Air Force (RAF). In zijn vrije tijd blijft hij in het schuurtje van zijn schoonouders klussen aan zijn project. Het leidt in 1950 tot een rijklaar model geschikt voor de openbare weg. Chapman blijft zijn auto doorontwikkelen en hij presenteert de Mark 3 in 1951. De vederlichte Mark 3 sprint in ruim onder de 10 seconden van 0-100 km/u en behaalt een topsnelheid van ongeveer 150 km/u. In 1952 krijgt het project professioneel gestalte door de oprichting van The Lotus Engineering Company. De eerste productiemodellen Lotus Mark 4 en Mark 6 zien al snel het levenslicht. Zij zijn nog steeds doorontwikkelingen van het originele concept.
De Lotus Mark 4 de eerste productie-Lotus
Het circuit op
Lotus zoekt met de aerodynamische Mark 8 in 1954 de circuits op en boekt met de auto meteen succes. Op de openbare weg heeft de Mark 6 een behoorlijke populariteit verworven en de capaciteit van Lotus groeit flink. De Mark 6 krijgt opvolgers in de compacte Mark 9 en de grotere, sterkere Mark 10. De groei van Lotus zorgt ervoor dat het merk in 1955 officieel wordt erkend door de Society of Motor Manufacturers and Traders. Als resultaat hiervan wordt Lotus toegelaten op autoshows. Chapman en zijn mensen krijgen het zo druk dat zij besluiten van strategie te wijzigen in plaats van een diversiteit aan gelijksoortige modellen gaat Lotus een basismodel in verschillende configuraties aanbieden de Lotus Eleven wordt geboren. Vanuit daar gaat Lotus zich richten op de introductie van nieuwe modellen. Zo komen er de stijlvolle Elite en de Seven, die later tot een legende zou uitgroeien. Ook op sportief gebied doet Lotus goede zaken in 1958 dringt het raceteam door tot de hoogste klasse van de internationale autosport de formule 1. Chapman toont zich ook in de formule 1 een kundig engineer. Zijn doorontwikkelingsdrift leidt tot een steeds sneller wordende Lotus formule 1-bolide. Het eerste model, de Type 12, wordt doorontwikkeld en dit komt tot uiting in de Type 18, een snelle wagen met middenmotor en een uitstekende gewichtsverdeling. In de handen van de snelle Stirling Moss grijpt Lotus met de Type 18 het wereldkampioenschap. Lotus groeit op alle vlakken zo hard dat het merk een nieuw onderkomen nodig heeft en vindt dit in Cheshunt. Lotus continueert het succes in de formule 1.
Succes op de openbare weg en het circuit
Waar de focus van eind jaren 50 tot aan het begin van de jaren 60 op racewagens lag, komt Lotus in 1962 terug met een geheel nieuwe straatauto, de Elan. De Elan is een lichtgewicht cabriolet die al snel uitgroeit tot een populair hebbeding. Natuurlijk gaan de raceactiviteiten van het merk in rap tempo door met de introductie van een Indycar racewagen en de ondersteuning van Ford in het British Touring Car Championship met de Lotus Cortina. In 1963 pakt Lotus met Jim Clark achter het stuur wederom het wereldkampioenschap formule 1 met een recordaantal punten bij zowel de coureurs als de constructeurs. Twee jaar later herhaalt de Lotus-Clark-combinatie deze prestatie nogmaals terwijl in dat zelfde jaar ook de Indy 500 wordt gedomineerd van start tot einde.
De elegante Elan
Tragisch afscheid van een racelegende
In 1966 verhuist Lotus nogmaals, ditmaal naar Hethel, Norfolk van waaruit het merk momenteel (2010) nog steeds opereert. De verhuizing wordt kort daarop gevierd met de komst van de Europa sportwagen. 1968 vormt een van de zwartste paginas uit de geschiedenis van het merk. Tijdens een tragisch ongeval in een formule 2-race komt Lotus icoon Jim Clark te overlijden. Lotus, en met hen de hele racewereld, zijn in rauw gedompeld. Desondanks gaan de zaken natuurlijk gewoon door met de komst van de Europa S2 die ook zijn weg naar Amerika weet te vinden, waarmee Lotus officieel aan de overkant van de oceaan debuteert. In 1970 introduceert Lotus een succesvolle racewagen op basis van de Elan de Elan sprint. De Oostenrijker Jochen Rindt domineert op de circuits maar wederom is het lot Lotus wreed gezind Rindt overlijdt tijdens een crash nog voor het einde van het seizoen. Na wederom een periode van rauw staat Lotus weer sterk op met een update van de Europa die een veel sterkere motor onder de kap krijgt. De 1.6 liter Renault motor wordt vervangen door een door Lotus en Ford ontwikkeld exemplaar.
Met de Europa ging Lotus Europa uit, het was de eerste Lotus in de VS.
De introductie van een icoon
Velen zullen Lotus herkennen aan de iconische door JPS gesponsorde formule 1-wagen uit 1972. Menigeen noemt deze Lotus Type 72 de mooiste formule 1-wagen ooit gebouwd. Het seizoen daarop pakt Lotus haar 6e formule 1-titel. In 1974 brengt het merk de Elite uit. Zoals de naam al doet vermoeden, is dit op dat moment een topmodel. Tevens is het Lotus eerste vierzitsauto ooit. Hoewel een stuk luxer dan bij Lotus gebruikelijk, is het nog steeds een volbloed sportwagen. Een jaar later vindt de geboorte van het volgende Lotus icoon plaats de Esprit. De Esprit, ontworpen door Giugiaro, verwerft door de jaren heen een klassiekerstatus en fungeert onder andere als auto voor James Bond in The spy who loved me. De Esprit zou nog velen jaren worden geproduceerd pas in 2003 stopte de productie. Natuurlijk was dit wel een doorontwikkeld model maar de basis was grotendeels in stand gebleven. Ook in de formule 1 blijft het goed gaan met Lotus waar grand prix overwinningen worden behaald door grote namen als Mario Andretti, Ronnie Peterson en Carlos Reutemann. De jaren 80 worden succesvol ingeleid met de introductie van de brute Esprit Turbo die een 0-100 sprinttijd liet noteren van 5,5 seconden.
De Esprit een van Engelands bekendste sportwagens.
Colin Chapman streft
Al die jaren is Colin Chapman aan het hoofd geweest van Lotus. In 1982 sterft Chapman op slechts 54-jarige leeftijd aan een hartaanval. Helaas mag Chapman het dus niet meer meemaken dat Lotus in 1983 en 1985 twee legendarische coureurs achter het stuur heeft in 1983 Nigel Mansell en in 1985 het jonge megatalent Ayrton Senna. De jaren 80 zijn roerige jaren voor Lotus in 1983 verkrijgt het Japanse Toyota een aandeel van 16,5% in Lotus, iets waar Lotus in een later stadium overigens nog veel profijt van zou hebben in de vorm van het gebruik van motoren. Lotus heeft in 1988 nog succes in de formule 1 met Nelson Piquet waarna het team zich terugtrekt uit de hoogste klasse van de autosport. In 1989 is het de beurt aan een nog krachtigere versie van de Esprit turbo, de Turbo SE met een vermogen van 264 pk en een sprint van 0-100 km/u in 4,7 seconden.
Het moderne Lotus breidt uit
In de jaren 90 breiden de activiteiten van Lotus zich verder uit. De fabrikant bouwt niet alleen weg- en racewagens maar gaat zich ook richten op de ontwikkeling van andere producten en engineering voor andere bedrijven. Een goed voorbeeld is de Type 108 Lotus racefiets waarmee tijdens de Olympische spelen in Barcelona in 1992 het wereldrecord 5 kilometer achtervolging wordt verbroken. 1995 is een feestjaar voor het Engelse merk want in dat jaar wordt namelijk de 50.000e auto geproduceerd. Kort hierop debuteert de Elise, een lichtgewicht coupe die thans (2010) in nieuwere vorm nog steeds leverbaar is. De Elise is uitgerust met Toyota motoren en zijn lage gewicht in combinatie met het relatief hoge vermogen geven hem uitstekende prestaties en rijeigenschappen. Nog geen twee jaar later is de 1000e Elise al verkocht wat Lotus noopt om de productie flink op te schroeven. Ondertussen wordt de Esprit maar steeds sterker een nieuwe versie debuteert in 1996 en wordt aangedreven door een nieuw ontwikkelde 3,5 liter V8 met 350 pk.
De Elise is de belichaming van de Lotus-filosofie licht, klein, snel en wendbaar.
Al in de jaren 80 was Lotus ingelijfd door het Amerikaanse General Motors en in 2000 kwam dit tot uiting in de Opel Speedster een lichtgewicht sportwagen van Opel, toen ook behorend tot de GM-stal, die was geinspireerd door de Lotus Elise. Lotus verzorgde de techniek terwijl de auto werd uitgerust met een Opel motor. In het nieuwe millennium concentreert Lotus zich vooral op de uitbreiding naar nieuwe markten. Ook zijn er vele nieuwe versies van de Elise en de gesloten variant hiervan, de Exige, uitgekomen. Anno 2010 heeft Lotus met de Exige en Elise twee compacte puristische racers in huis terwijl het met de Europa en topmodel Evora wat meer op luxe gerichte gran turismos heeft. Ook keerde het team in 2010 weer terug in de formule 1 met de Italiaan Jarno Trulli en de Fin Heikki Kovalainen aan het stuur. De laatste jaren is Lotus Engineering nadrukkelijk betrokken bij diverse ontwikkelingen in de auto-industrie zoals de brandstofcel en een soundbox een systeem dat het geluid van een rijdende auto simuleert. Dit kan worden toegepast op stille, elektrische autos om de veiligheid van blinde voetgangers in het verkeer in de toekomst te verbeteren.
Geen reacties »
Op het moment van schrijven van dit artikel is het 10 juli 2010, de dag voor de bij voorbaat al legendarische WK-finale tussen Nederland en Spanje. Voor de 3e keer in de geschiedenis staat Nederland in de eindstrijd van het Wereldkampioenschap. De eerste 2 maal ging het mis, in dit artikel leest u meer over de WK finales van Nederland.
Geschiedenis van het Wereldkampioenschap
Het eerste wereldkampioenschap voetbal werd in 1930 gehouden in Uruguay, dat dit WK ook wist te winnen. Voor 1930 was het voetbaltoernooi op de Olympische Spelen nog het belangrijkste mondiale voetbalevenement. Omdat het voetbal echter niet populair was in de VS en de wereldvoetbalbond FIFA en het Internationaal Olympisch Comite het niet met elkaar eens waren, werd de sport in 1932 van het Olympisch programma geschrapt. Naar aanleiding van die beslissing werd het WK in het leven geroepen en werd er dus gestreden om de Vicotoire aux Ailes dOr, de beker die later de naam Jules Rimet-beker genoemd werd, als eerbetoon aan de FIFA-voorzitter die het eerste WK organiseerde.
Het WK kende tot aan 1978 altijd 16 deelnemers (op enkele afmeldingen na), waarna het toernooi in 1982 werd uitgebreid tot 24 teams. Sinds 1998 is de huidige opzet van kracht, waarin 32 deelnemers de kans krijgen in de eindronde. Die uitbreiding leverde vooral meer Afrikaanse, Aziatishe en Noord-Amerikaanse deelnemers op.
Wereldkampioenschap voetbal 1974
De eerste WK-finale die Nederland ooit speelde was tijdens het WK van 1974. Dit toernooi werd gehouden in het voormalige West-Duitsland. Voor het eerst in de historie werden op dit toernooi 2 poulefases gespeeld. Nederland werd in de eerste ronde ingedeeld in poule C en trof daarin Bulgarije, Uruguay en Zweden. Nederland wist relatief eenvoudig de poule te doorstaan, door 5 punten te halen uit 3 wedstrijden (destijds leverde een overwinning nog 2 punten op). Na een 2-0 winst op Uruguay en een gelijkspel tegen Zweden (0-0), was de ploeg al zo goed als zeker van de volgend ronde. De poule werd afgesloten met een 4-1 zege op Bulgarije, waarmee Nederland als groepswinnaar de 2e ronde haalde.
In de 2e ronde kreeg Nederland duidelijk sterkere tegenstanders; Argentinie, Oost-Duitsland en Brazilie. Desondanks werden alle 3 de wedstrijden met ruime cijfers en zonder tegendoelpunt gewonnen. Nederland won 4-0 van Argentinie, 2-0 van de Oost-Duitsers en versloeg ook Brazilie met 2-0.
Als winnaar van de poule belande Nederland in de finale. Hierin trof Nederland de organiserende aartsrivaal West-Duitsland. Nederland, met spelers als Haan, Krol, Neeskens, Van Hanegem, Rep, Cruijf en Rensenbrink in de basis, begon als grote favoriet aan de finale. De start van Nederland was fenomenaal; een minuut lang werden de Duitsers weggetikt, waarna aanvoerder Johan Cruijff de 16-meter binnenliep en gevloerd werd door de Duitser Uli Hoeness. Een strafschop volgde, die werd benut door Johan Neeskens.
Nederland ging het wat rustiger aandoen en liet de Duitsers komen. Na twintig minuten kregen ook de Duitsers een penalty nadat Bernd Holzenbein over het been van Wim Jansen ging. Voor de Duitsers was het Paul Breitner die de bal binnenschoot. Voor rust kwamen de Duitsers langszij door een doelpunt van de altijd allerte Gerd Muller; 1-2.
In de tweede helft drong Nederland aan, maar wist het niet meer het spel te spelen van eerder in het toernooi. Er kwamen slechts enkele kansen, waarna Gerd Muller zijn tweede doelpunt wist te scoren. Deze werd echter onterecht afgekeurd door scheidsrechter Taylor. Nederland verloor de finale alsnog en zag buurland West-Duitsland de titel in ontvangst nemen.
Wereldkampioenschap voetbal 1978
Vier jaar later kreeg Nederland de kans revanche te nemen op de verloren finale van 1974. Het WK werd gehouden in Argentinie en werd overschaduwd door protesten jegens het junta-regime dat er destijds de macht had. Nederland ging naar het toernooi zonder de gepasseerde Willem van Hanegem. Ook Johan Cruijff ging niet mee, hij kondingde enkele maanden eerder zijn afscheid aan. Later zou Cruijff aangeven dat hij niet meedurfde uit angst voor ontvoeringen.
Nederland werd in de eerste ronde ingedeeld in een relatief eenvoudige poule met Iran, Peru en Schotland. Nederland wist de tweede ronde te halen, maar deed dit alles behalve overtuigend. Na een 3-0 zege op Iran, werd 0-0 gelijk gespeeld tegen Peru. De laatste wedstrijd werd met 3-2 verloren van Schotland, maar Nederland wist zich als 2e in de poule toch te plaatsen voor de tweede ronde.
Daarin kwam het achtereenvolgens Oostenrik, West-Duitsland en Italie tegen. Oostenrijk werd gemakkelijk in de pan gehakt; 5-1. Vervolgens werd 2-2 gelijkgespeeld tegen West-Duitsland en 2-1 gewonnen van Italie. Nederland werd eerste in de poule en trof op 25 juni 1978 wederom het gastland in de finale; Argentinie.
De wedstrijd, gehouden in het stadion van River Plate, begon wat later omdat de Argentijnen wat laat aankwamen en scheidsrechter Daniel Gonella (Ita) commentaar had op het verband om de pols van Rene van de Kerkhof. Nadat Nederland dreigde het veld af te stappen, werd de wedstrijd toch aangevangen, met Rene van de Kerhof (met een wat zachter verband).
Nederland begon sterk, maar zag de Argentijnen groeien in de wedstrijd. Aanvoerder Passarella miste enkele kansen en Nederlanders Rep en Rensenbrink troffen de Argentijnse keeper. Kort voor rust wist de Argentijnse spits Mario Kempes de score te openen door de bal onhoudbaar in het goal van Jan Jongbloed te schieten.
In de tweede helft kwamen kansen voor Nederland, die pas in de 82e minuut tot de gelijkmaker van invaller Dick Nanninga leidde. In de slotminuut schoot Rob Rensenbrink nog tegen de paal, maar een verlening bleek nodig. In de 105e minuut wist Mario Kempes wederom te scoren, waarna Daniel Bertoni even later de beslissende 3-1 maakte. Daarmee kon dictator Videla de wereldbeker uitreiken aan aanvoerder Passarella.
De WK finale van 2010
Het zou tientallen jaren duren voordat het Nederlandse volk zich weer kon opmaken voor een WK-finale. In 1998 leek oranje dichtbij, maar werd na een gelijkspel tegen Brazilie in de halve finale verloren op penaltys.
In 2010 wist Nederland de Brazilianen wel te verslaan. Na een relatief eenvoudige groepsronde (3 zeges op Denemarken, Japen en Kameroen) en achtste finale (winst op Slowakije) werden de favoriete Brazilianen na een 1-0 achterstand met 2-1 verslagen, dankzij twee goals van Wesley Sneijder. Met een 3-2 zege op Uruguay, wist Nederland zich te plaatsen voor de halve finale, waarin Spanje tegenstander en favoriet was.
De finale zou later bestempeld worden als een van de slechtste finales ooit. Het spel van beide ploegen oogde nerveus, er werd veel balverlies geleden en er viel een recordaantal gele kaarten. In totaal gaf scheidsrechter Howard Webb uit Engeland liefst 14 gele kaarten, waarvan 9 voor Nederland en 2 aan John Heitinga, die in de verlenging het veld moest verlaten.
Beide ploegen kregen enkele 100%-kansen, maar wisten deze (mede door uitstekend keeperswerk van Iker Casillas en Maarten Stekelenburg) niet te verzilveren. Een verlenging moest uitkomst brengen en het leek er lange tijd op dat penaltys een nieuwe Wereldkampioen moesten bepalen. Enkele minuten voor tijd was het echter Spanjaar Iniesta die de omstreden openingstreffer maakte. Iniesta zou eerder in de aanval buitenspel hebben gestaan en de keepersbal waaruit de aanval ontstond had overduidelijk een corner moeten zijn.
Zo verloor Nederland ook zijn 3e wereldbeker-finale en zal het waarschijnlijk nog jaren duren voor men ooit nog zo dicht bij de titel komt.
Geen reacties »
The Amsterdam Dream is een boek van Geert Mak uit 1986. Het beschrijft de bestuurlijke arrogantie van de bureaucraten in Amsterdam. Geert Mak ontleedt de politieke handel en wandel van figuren als Ed van Thijn.
In Amsterdam waren veel Amsterdammers het beu om telkens weer met maatregelen geconfronteerd te worden die ongewensten geldverslindend waren, terwijl de echte problemen steeds groter werden. Voorbeeld hiervan is de woningnood uit de jaren 80, die tot op de dag van vandaag, 30 jaar later niet is opgelost gezien de lange wachtlijsten. Om ervoor te zorgen dat Amsterdammers minder gingen protesteren werd niet het woningnood-probleem opgelost maar voerde men inspraakprocedures in ten aanzien van nieuwe projecten. Zo werden Amsterdammers medeverantwoordelijk gemaakt voor nodeloze projecten. Maar in dit boek laat Geert Mak duidelijk zien dat de inspraakavonden een farce zijn.
PR-avonden
Het houden van informatie-avonden over een project blijkt vaak een grote PR-avond waarin de bureaucraten reclame
maken voor hun plannen. Een voorbeeld ervan is de Stopera. Dit gebouw is zowel een stadhuis als een nieuw
opera-gebouw. Het werd gebouwd in tijd van grote woningnood. Amsterdammers hebben meer baat bij een goede woning
dan een nieuwe werkplek voor de zittende macht. Het theatergedeelte van de Stopera is abnormaal groot in verhouding
tot het aantal bezoekers. Hoewel in de zaal 1200 mensen kunnen zitten, is de zaal vaak nauwelijks tot de helft
gevuld. De kaartjes zijn zwaar gesubsidieerd, alhoewel het toch moeilijk is een kaartje onder de 100 euro te krijgen.
Er worden in de Stopera alleen voorstellingen opgevoerd die in trek zijn bij de rijke elite van Amsterdam.
Woningnood
Het theater is dus een overbodige verschijning. Van hetzelfde geld kunnen erg veel huizen worden gebouwd waarmee ook
nu nog de lange wachtlijsten voor een woning kunnen worden weg genomen. Het kost natuurlijk grote klauwen met geld
om de honderden theatermedewerkers aan de slag te houden. In de Stopera werken meer mensen achter de schermen dan dat er bezoekers in de zaal zitten. Toch bestaat dit wangedrocht dankzij alle belastingbetalers, en dankzij de schijn van inspraak die de burgers hebben gehad.
Aandacht verleggen
Een bekende manier van bureaucraten om maatschappelijke problemen te omzeilen is de aandacht verleggen naar een
megalomaan project als de Stopera. Een ander megalomaan project uit de jaren 80 waren de Olympische Spelen. Amsterdam had zich kandidaat gesteld voor het organiseren van de Olympische Spelen in 1992. Geert Mak beschrijft in dit boek hoe Ed van Thijn dit project gebruikte om de aandacht van bestaande problemen af te houden. De kranten stonden vol van de Amsterdamse plannen, op radio en tv was het tijdenlang het hoofdonderwerp en zelfs in de trein kreeg je koffiebekers met reclameslogans over de Olymipsche Spelen. Maar de enorme werkloosheid van toen en de woningnood zijn niet aangepakt. Overigens dat Amsterdam de Spelen niet toebedeeld kreeg kwam niet door Amsterdam zelf, maar door het slechte weer toen de Olympische beoordelingscommissie op bezoek kwam, als we de kranten mogen geloven.
Ed van Thijn
Politici als Ed van Thijn zijn bedreven in de schijn ophouden dat er iets gebeurt. Van Thijn zei dat de Olympische
Spelen de oplossing waren om de crisis aan te pakken. Hij riep ook dat er een cellentekort was. Zulke populistische kreten hoor je tegenwoordig ook. Maar de vraag blijft voor wie de cellen bedoeld zijn, voor de bureacraten misschien die criminele maatregelen nemen? Of voor de politici die in de positie zijn problemen op te lossen maar dat niet doen? Inspraakavonden van de Amsterdammers gaan nooit over echt belangrijke zaken zoals de begroting. In huidige tijden hebben we nooit een inspraakavond over de invoering van ov-chipkaart gehad.De Noord-zuid lijn-discussie is slechts een virtuele discussie; de besluiten zijn allang genomen en de bestuurders hebben ook ditmaal slechts een grote PR-campagne gehouden.
Volkswoede bedwingen
Een andere manier waarmee politici de volkswoede proberen te bedwingen tot proporties waarmee er net geen opstand komt is het marginaliseren van minderheidsgroepen. De boosheid van mensen wordt zo verlegd naar een kleine groep in de maatschappij. Deze groep, bijvoorbeeld de krakers en junkies worden dusdanig beschreven in de media en door de politiek dat de meerderheid van de bewoners van een stad of land er een hekel aan krijgt en om maatregelen schreeuwt. Politici weten deze grote middengroep tevreden te houden met belastingvoordelen. Het klinkt ongetwijfeld als bekende methode in de oren, en deze is in de jaren 80 ook in Amsterdam met succes geintroduceerd door de autoriteiten. Recente voorbeelden van marginalisering van minderheidsgroepen zijn tokkies, marrokaanse jeugd, Lonsdale-jongeren, hangjongeren, krakers, joden, hooligans, etc.
Stadsdeelraden, een mislukt concept.
De stadsdeelraden is ook een voorbeeld van een produkt uit de jaren 80. Men profileerde deze overheidsuitbreiding
en het vergroten van het aantal ambtenaren als decentralisatie. Decentralisatie zou goed zijn voor Amsterdammers
omdat het bestuur dichter bij je in de buurt komt. Inmiddels weten we anno 2010 wel beter en worden de stadsdeelraden
weer gesloten in het kader van voortschrijdende inzichten. Het vaandel van de vooruitgang moet blijven wapperen maar
ook deze deelraden werden in de jaren 80 al doorzien door velen als nieuwe manier om stadsbewoners voor de gek te houden. Echte belangrijke beslissingen zijn altijd genomen door het centrale stadsbestuur. Een stadsdeelraad heeft nooit
veel meer macht gehad dan het aanleggen van een fietsenrek, maar het kostte wel weer veel meer dan ervoor. De bureaucratie is een instituut dat zichzelf uitbreidt, maar komt zelden voor belangen van bewoners van een land of staat op. Zelfs de buurt- en actiecomites waarmee stadsbesturen plegen te overleggen zijn van tijdelijke aard. De permanente macht van de bestuurders zelf komt nooit in het geding. Als de macht in handen is van een groep mensen die elkaar de bal toespeelt is het maar de vraag of er sprake is van democratie.
Zelfbeschikkingsrecht
Geert Mak heeft in het boek The Amsterdam Dream niet zo zeer de Amsterdamse politici ontmaskerd, maar ontrafelt met
Amsterdam als voorbeeld de werkelijke houding van de politici tegenover de bewoners van een stad of land. Bestuurders
dichten zichzelf een zelfbeschikkingsrecht toe op basis van democratische verkiezingen maar in feite zijn de grootste
partijen alleen om de schijn van politieke strijd op te houden. Onder het mom van democratische consensus worden
voortdurend besluiten genomen die tegen het belang van bewoners van een stad of land indruisen. Er valt ook op te merken dat nieuwe politieke stromingen op een zelfde manier worden gemarginaliseerd door zittende machthebbers als de
minderheidsgroepen. In Nederland kennen we daarvan het recente voorbeeld van Pim Fortuyn die streed tegen de regenten-mentaliteit.
Mechanismen
Geert Mak heeft in dit boek steeds korte hoofdstukken gemaakt die een deelprobleem behandelen. Sommige hoofdstukken
zijn eerder in de Groene Amsterdammer verschenen. Het boek is gemakkelijk leesbaar voor iedereen. Het is zeer geschikt
voor als je iets meer wilt weten van de mechanismen waarmee bureaucraten zich bedienen om de macht in handen te houden. De politieke feiten zijn ondergeschikt aan de onderliggende methodieken die worden geschetst. Deze methodes worden in alle huidige democratische systemen gehanteerd, niet alleen op stadsniveau, maar ook op landelijk en mondiaal niveau.
Uitgegeven met steun van het Baliefonds.
Geen reacties »
Londen, een wereldstad waar zoveel valt te beleven. Je kunt er shoppen, je kunt Buckingham Palace of The Big Bang bezoeken en nog veel meer. Het is ook een stad met zeer veel professionele voetbalclubs zoals Arsenal, Tottenham Hotspur en Chelsea.
Londen
Londen is de hoofdstad en de grootste stad van het Verenigd Koninkrijk. In Londen wonen ongeveer 7.5 miljoen mensen, hiermee is het de stad met de meeste inwoners van de Europese Unie. Ook is het net als New York, Parijs en Tokio een van de vier wereldsteden.
| Inwoners | 7.500.000 | | Munteenheid | Engelse Pond | | Tijdverschil | -1 | | Landnummer | +44 | | Taal | Engels |
Londen is een van de grootste steden ter wereld, dus er is genoeg te doen voor iedereen. Er zijn vele bezienswaardigheden zoals The Tower Bridge, Buckingham Palace, The Big Bang en vele voetbalstadions. Verder kun je erg goed shoppen in Oxford Street. Dit is de Fifth Avenue of Champs Elysees van Londen.
Londen heeft een heel bekende eigen stijl. De rode dubbeldekkers zijn echt Londens en komen nergens anders voor in de wereld. De zwarte ouderwetse taxis zijn ook heel erg bekend. Ze worden cabbies genoemd, er rijden er in Londen ongeveer 23.000. En de telefooncellen zijn ook heel Londens, ze zijn rood, ouderswets met aan de zijkanten een raamwerk met glas.
Oxford Street
Oxford Street is de meest bekende winkelstraat van Londen. De straat ligt in de wijk Westminster. Oxford Street heeft jaarlijks ongeveer 200 miljoen bezoekers. Toeristen die naar Loden komen, die gaan ook naar Oxford Street omdat het een zeer populaire plek is in Londen. De straat heeft ongeveer 9 miljoen buitenlandse bezoekers. De hotels in deze straat worden jaarlijks door ongeveer een half miljoen toeristen bezet. De meeste mensen komen er om te winkelen.
Van Nederland naar Londen
Londen is niet ver van Nederland dus je kan met verschillende vervoersmiddelen naar Londen gaan.
Er zijn bussen die vanuit Nederland naar Londen gaan. Vanaf Hoek van Holland gaat de Pond naar de hoofdstad van Engeland. Ook is het mogelijk om met de trein te gaan. Deze gaat via de eurotunnel zich bevindt tussen Frankrijk en Engeland. De meeste makkelijke manier is het vliegtuig. De vliegreis duurt een uur maar er is een tijdverschil, daar is het een uur vroeger dus je hebt eigenlijk geen tijdverlies als je daar naar toe gaat met het vliegtuig.
Culinair
Door de multiculturele samenleving zijn er zoveel verschillende keukens. Vooral de Aziatische keuken doet het goed in Londen. Traditionele gerechten uit India, Pakistan en Maleisie zijn erg populair. Prijzen van schotels verschillen, in de ene wijk is het goedkoper dan de andere wijk. Maar de gemiddelde prijs voor een schotel is iets minder dan 20. Het ontbijt is heel typisch. Het ontbijt bestaat uit gebakken spek, roerei, toast, witte bonenin tomatensaus, worstjes gebakken in tomaat en champignons.
Algemene informatie
Er zijn in Londen meer dan 30.000 winkels. Meer dan 400 gelegenheden voor live optredens varierend van Jazz tot Pop en Rock. De zomers staan in het teken van muziekfestivals. Londen organiseert de Olympische Spelen van 2012. Er zijn zes verschillende voetbalclubs uit Londen die in de Premier League spelen. Jaarlijks wordt het meeste bekende tennistoernooi hier gespeeld, Wimbledon. Dus aan sportiviteit geen gebrek.
Geen reacties »
Naast het in enorme hoeveelheden bekijken van voetbalbeelden, zijn er ook nog mensen die niet van voetbal houden. Wat een straf kan het voor je zijn, als je toevallig geen voetballiefhebber bent. Er zijn echter genoeg alternatieven als je echt niet meegesleurd wilt worden in de oranjegekte.
Creatief
Workshop
Als je creatief bent of de creativiteit opzoekt, zijn er voldoende mogelijkheden. Zoek op voorhand in de omgeving naar leuke workshops. Iedere gemeente heeft wel kunstzinnige en creatieve mensen die regelmatig workshops geven. Rond grote evenementen zoals het WK voetbal, maar ook de olympische spelen, zijn er altijd mensen die dit bewust mijden en dus ook mensen die in deze periodes juist workshops organiseren. Of het nu creatief met kurk is, boetseren, metaal klikken of reliefschilderijen maken is, het maakt niet uit. Lekker een aantal uren even de gedachten op je creatieve doel richten en nog met iets leuks naar huis gaan ook.
Natuur
Maar je kunt ook met je schilderskwast en doek de natuur opzoeken. Als het weer een beetje mee zit zijn de mooie natuurgebieden prachtig om te schilderen en als voordeel heb je, dat het er rustig zal zijn en dus weinig mensen die je in de weg lopen. Hooguit iemand die ook een alternatief had bedacht voor het niet voetbal hoeven kijken.
Eten
Voor de creatieve kokkerellers zijn er natuurlijk ook voldoende mogelijkheden. Lekkere dingen – in alle rust – klaar maken, omdat de rest in de woning of de kroeg voor de tv hangt, kan creatieve hoogstandjes opleveren. Maak lekkere dingen die je later kunt serveren of probeer met wat niet voetbalminnende vrienden nieuwe recepten uit.
Kijken (en weinig nadenken)
Luchthartig
Kijken en niet teveel hoeven nadenken is perfect als je de luchthartige speelfilm in de bioscoop opzoekt, of de voetballiefhebbers gaan bij elkaar zitten en op de vrijgekomen plaats installeer je je met een gehuurde speelfilm. De luchthartige film is entertainend en als je in de bioscoop gaat kijken is de entourage ook nog eens prettig. Bijkomend voordeel voor de bioscoopbezoekers
het zal er niet zo druk zijn.
Zware kost
Zware kost kan natuurlijk ook, maar als je daarna weer door moet met een voetballiefhebber, is het maar afhankelijk van zijn/haar bui (Nederland gewonnen of verloren) in hoeverre je over een zware kost speelfilm nog kunt napraten. Napraten met de mede speelfilmkijker – als die er is – is in dat geval beter.
Observeren
Je moet even zoeken maar er zijn terrasjes die niet helemaal oranje zijn en voorzien van grote televisieschermen. Bijvoorbeeld het terras van een hotel, daar zie je vaker dat er een apart gedeelte voor het voetbal kijken is en een rustig terras. Het observeren van mensen vinden de meeste mensen leuk, maar tijdens het voetbal zal dat dus niet overhouden. Zoek daarom een terras waar wat natuur in de buurt is. Dieren trekken zich van het voetbal immers niets aan.
Filosoferen
Creeer met wat niet voetballiefhebbende vrienden een groepje om – al of niet met een goed glas wijn erbij – te gaan filosoferen over bepaalde onderwerpen. Massahysterie is in deze periode wel een aardig onderwerp. Maar de verkiezingen doen het ook altijd goed en ten tijde van een crisis is het positivisme ook wel een onderwerp waar je wat mee kunt.
Maak het gezellig moet goed zittende stoelen waar iedereen zich lekker in kan voelen en zorg voor een omgeving die niet tot snelle afleiding zal leiden.
Sporten
Zien eten doet eten, maar of dit ook geldt voor sporten vraag ik me af. Maar gezond en ontspannend is het wel. De omgeving zal rustig zijn en dat maakt dat je – al of niet voorzien van mp3 speler – heerlijk rustig kunt lopen in de natuur. Geen honden die achter je aan komen als je aan het hardlopen bent en in de sportschool heb je alles tot je beschikking. Even opletten dat men geen voetbal op de tv schermen heeft.
In alle hectiek geeft yoga bijvoorbeeld weer een gevoel van rust en zoek je daar met je matje de natuur op, dan zul je niet gestoord worden.
Tot slot
En zie je al die dingen niet zitten trek je dan terug met een goed boek in een stil hoekje, desnoods met een lekker muziekje op de oren, en laat de boel de boel. Je druk maken over de massahysterie heeft toch geen zin. Als Nederland in de ban is, is Nederland in de ban en dan doe je er of aan mee of je distantieert je volledig en gaat je eigen gang.
Geen reacties »
In het zuiden van Duitsland ligt Munchen, de hoofdstad van Beieren. Munchen is een stad met een Bourgondische levensstijl en waar bier en lekker eten een hoofdrol spelen. Uiteraard heeft de stad meer in huis, zoals prachtige parken, kastelen en andere historische gebouwen en in de omgeving vind je mooie meren en bergen. Hier kun je interessante tips vinden over bezienswaardigheden en toeristische trekpleisters in Munchen.
De Marienplatz en het Neues Rathaus
De Marienplatz was al een beroemd plein in de Middeleeuwen toen men hier ook al tournamenten en markten organiseerde. Nu nog is de Marienplatz een veel bezochte bezienswaardigheid in Munchen. Aan de Marienplatz ligt het Neues Rathaus met een toren van 85 meter hoog waarin zich een fantastisch klokkenspel bevindt met 32 bewegende figuren en maar liefst 43 klokken. In de zomermaanden kun je drie keer per dag genieten van dit klokkenspel en in de wintermaanden een maal per dag. Het nieuwe stadhuis is opgetrokken in een neogotische stijl en is prachtig versierd met beeldhouwwerken die heiligen, Beierse vorsten en mythische figuren voorstellen.
Het Altes Rathaus
Aan de Marienplatz is ook het oude raadhuis gelegen. In de zuidelijke toren ervan is het speelgoedmuseum gehuisvest. Hier kun je historische Amerikaans en Europees speelgoed, zoals spellen en poppen uit de negentiende en twintigste eeuw bezichtigen. Ook kun je de balzaal die geheel gerestaureerd is bekijken.
De Frauenkirche in Munchen
De Frauenkirche ofwel de Liebfrauendom is een heel kenmerkend gebouw in en voor de stad, want je ziet de beide torens van 99 meter hoogte met hun koperen koepels al van verre opduiken. De Frauenkirche is gebouwd in de tweede helft van de vijftiende eeuw en herbergt enkele geweldige kunstwerken met grote geschiedkundige waarde, zoals de Maria Hemelvaart van de hand van Candid, glas in lood ramen uit de vijftiende eeuw en een crypte met graven van bisschoppen.
Het stadspark de Engelse tuin
De Englischer Garten is een zeer populair stadspark dat al ontworpen is rond het jaar 1800. De naam van het park is gebaseerd op het ontwerp dat bestaat uit meetjes, weilanden, lanen en bosjes die symbool staan voor het typische landschap zoals dat voorkomt in Engeland. In het park kun je heerlijk wandelen en mensen kijken, maar ook genieten van een drankje of hapje in een van de vele eettentjes en Biergartens. In de Engelse tuin vind je ook nog bezienswaardigheden die de moeite van een bezoekje zeker waard zijn, zoals de Pagode en de Monopteros.
Dierentuin Hellabrunn
De grootste dierentuin van Europa ligt in Munchen aan de rivier de Isar. Dit dierenpark met de naam Hellabrun bestaat al honderd jaar en kent een onderverdeling in 15 themas, zoals Villa Dracula, een Polarium, een Apenhuis, het Polarium, het Aquarium en de vijf werelddelen.
Het Olympiapark in Munchen
Ten behoeve van de Olympische Spelen die in 1972 in Munchen werden gehouden is het Olympiapark destijds aangelegd. Het stadion biedt plaats aan maar liefs 70.000 bezoekers. Het complex biedt overigens nog veel meer attracties die je kunt bezoeken. Hier ligt namelijk ook de Olympiatoren van 290 meter hoogte met bovenin een restaurant van waar uit je een spectaculair uitzicht over Munchen hebt. Bij de Olympiasee wordt je de mogelijkheid geboden om een bootje te huren, waarmee je lekker over het meer kunt roeien. In het Theatron worden in de maand augustus de hele maand concerten gegeven die je gratis kunt bijwonen. Dan is er ook nog de Olympiaberg met daarop een vredesmonument.
Slot Nymphenburg
Het kasteel Nymphenburg stamt uit de zeventiende eeuw en werd in opdracht van de vorst Ferdinand Maria gebouwd voor zijn echtgenote Henriette Adelaide. Bij het ontwerp heeft men zich laten inspireren door het paleis van Versailles. In het kasteel kun je het prachtige interieur en collecties prachtige kunst bekijken. Bekijk ook zeker het Marstallmuseum, de Schonheitengalerie, de Stenen Zaal en het Chinese lakkabinet. In het park kun je ook enkele fantastische bezienswaardigheden bewonderen, zoals het paviljoen Amalienburg in rococostijl, de botanische tuin, de Pagodenburcht en de Apollotempel.
Meer interessante tips over toeristische trekpleisters
Voor meer handige tips over bezienswaardigheden in andere Duitse steden, kun je de volgende artikelen bekijken
Geen reacties »
|